De toekomst van de mensheid ligt in de
circulaire economie. Sinds de industriële revolutie zijn we geëvolueerd en geroutineerd
geraakt binnen het marktmodel van de lineaire economie. We merken dat dit
lineaire model van take, make & waste aan zijn absolute houdbaarheidsdatum
zit. Als we ons niet aanpassen zal de planeet aarde eraan moeten geloven met
zeer desastreuse gevolgen.
Ik ben zeker geen doemdenker, maar er zijn
toch wel concrete feiten waar we niet omheen kunnen: We kreunen onder een
gigantische afvalberg, die we dumpen in zee, of op mega vuilnisbelts of zonder
schroom exporteren naar Afrika. We gooien onaanvaardbare hoeveelheden voedsel
weg… We kiezen nog te veel voor “het nieuwe, modieuze of hippe”, waarbij de
kanttekening kan gemaakt worden dat we gerust nog enkele jaren met het
bestaande hadden voortgekund.
Toch groeit langzamerhand het besef dat we
hierdoor structureel de basis van ons leven aantasten. Gelukkig evolueren we steeds
meer naar een andere manier van produceren en consumeren gebaseerd op een
circulaire economisch model. De trend voor de toekomst ligt dan ook in de verdere
exploitatie van het circulaire.
Reparatie, hergebruik, upcycling … dat worden
de trends voor de toekomst. Bedrijven die daarop inzetten krijgen de wind in de
zeilen. De principes van cradle to cradle zijn natuurlijk al veel vroeger
beschreven, maar vandaag en in de toekomst is de circulaire economie een
amalgaan van verschillende elementen.
De deeleconomie past daar perfect in. Waarom
zouden we een massale hoeveelheid CD’s willen bezitten als je overal en altijd
Spotify bij de hand hebt? Maar de redenering kan perfect doorgetrokken worden
voor vele andere sectoren. Waarom zou je een volle kleerkast aan kleding
willen? Kledingbibliotheken, zoals Lena, The fashion Library in Amsterdam,
bieden je de kans om je basis kledingassortiment uit te breiden met een ruime
garderobe. Kledingabonnementen zal je in de toekomst her en der zien opduiken.
Geen kleding meer kopen, maar huren.
Het leasen van auto’s kennen we natuurlijk al
veel langer bij de bedrijfswagens, maar BMW experimenteert met het ter
beschikking stellen van een auto voor het juiste gebruik. Op wintersport met de ganse familie betekent
dat je een groter volume nodig hebt, dan wanneer je romantisch met zijn tweeën
naar zee wil of in de stad met een kleinere wagen wil rondrijden. Met deze kleinere auto wil je liefst electrisch
rijden en door zijn compactheid kan je in drukkere steden, dan weer veel
gemakkelijker een parkingplaats vinden. In plaats van 2 of drie auto’s te
kopen, wil BMW een maandfee gaan introduceren, waarbij je betaalt voor wat je
op dat moment nodig hebt.
Ook met wasmachines en andere producten
overweegt men over te stappen naar dit soort formules. Momenteel komen er
dagelijks nieuwe ideeën die deelmodellen in verschillende economische en
maatschappelijke sectoren als objectief hebben.
Circulaire economie heeft natuurlijk ook te
maken met een biobased economy. De twintigste eeuw was overduidelijk de eeuw
van de chemie. De éénentwintigste eeuw zal worden gekenmerkt door biomimicry,
wat kort door de bocht, erop neerkomt dat we voor onze economie en onze manier
van leven, werken, wonen en eten, inspiratie gaan halen uit de biologie en de
fysica.
Binnen een circulaire economie evolueert afval
opnieuw tot grondstof voor nieuwe productie. Dit perpetuum mobile houdt
zichzelf in stand en vormt als het ware een gesloten kring. De toekomst van een
meer op hi tech gestoelde landbouw zit volledig binnen dit circulair model.
Denk hierbij aan het hele fosfaatverhaal.
De energiesector weet ondertussen dat
opgeslagen energie uit zonlicht of andere natuurlijke bronnen perfect
oplaadbaar is voor later gebruik.
Panasonic introduceerde kortelings de oplaadbare batterijen, die onderling
kunnen communiceren met maar liefst 30.000 andere batterijen. Hier kan je
kleinere steden energie-onafhankelijker gaan maken van de energienutsbedrijven.
Disruptie kondigt zich ook hier aan…
Kleinere en grotere steden worden in de nabije
toekomst circulair dankzij urban mining.
Met een groeiende verstedelijking zien we dat
steden beschikken over grote hoeveelheden afval. Ik geef je een mooi recent voorbeeld.
Apple recupereerde in 2015 bijna 1 ton aan goud uit teruggebrachte oude PC’s en
telefoons. Deze hoeveelheid had een waarde van bijna 35 miljoen Euro.
Er zijn nog andere voorbeelden van urban
mining. Elke middelgrote stad heeft wel minstens 30 tot 50 koffiezaken. Trendy
en innovatieve ondernemers kunnen zich erop toeleggen om dagelijks de afvalstof
koffiedrab op te halen bij de lokale koffiezaken. Ik ben ervan overtuigd dat ze
dit vaak kosteloos meekrijgen, want het bespaart het koffiehuis zelf aan
kosten. Deze koffiedrab kan je dan gaan gebruiken voor de teelt van
oesterzwammen, want koffiedrab blijkt een bijzonder goed substraat te zijn
hiervoor. Deze oesterzwammen kan je opnieuw in de stad gaan vermarkten aan de
consument of horeca of wie weet in een eigen trendy champignon restaurant. Dat het
werkt, bewijzen steeds meer ondernemers wereldwijd, want er bestaan inmiddels
al meer dan 200 van dit soort initiatieven op wereldschaal.
Urban mining wordt big business en zal leiden
tot heel wat jobcreatie voor de komende decennia. Dit werd nog eens veelvuldig
aangetoond op een recentelijk congres, gehouden in het Italiaanse Bergamo.
Voor de
inhoud van deze blog baseerde ik mij op een aantal recentelijk bijgewoonde
voordrachten van specialisten in dit domein, zoals Plan C, Professor Herman Wijffels,
Johan Van Gompel en het derde Symposium over Urban Mining & Circulaire
Economie gehouden van 23 tot en met 25 mei 2016 in Bergamo. Het voorbeeld van
koffiedrab in een stad heb ik zelf getoetst. Voor geïnteresseerden ligt er hiervoor
een kleine business case klaar te wachten op mogelijke exploitatie



Geen opmerkingen:
Een reactie posten